Daar zit je dan, aan een schrijftafel die
gewend is geraakt aan de ultieme demarrages
waarmee je als eerste over de ongenadig witte meet
van een ready made wielergedicht wil flitsen,
schrijf-epo in het hoofd, in de drinkbus het godendrankje
genaamd liefde voor de koers, vive le vélo.
Maar 2025 en zijn Tour deden pijn en lieten
elke dag een ongewone leegte na die
door een gruwelijke genocide werd gevoed:
een volk wordt vakkundig uitgedund en uitgemoord
zoals een uitgeput peloton dat sneuvelt op een col
of opgeslokt wordt door een hellediep ravijn.
Een writers block werd mijn deel tot ik
op de Elyseese velden een renner zag opstaan
uit de dood en met panache de Sloveense gele heerser
op het martelende Montmartre uit zijn wiel zag fietsen,
breuken, bloed en open wonden als stigmata en
littekens van zijn moed in de huid getatoeëerd.
En ja, er was ook nog onze dubbele Olympische kampioen
die groot was in de nederlaag: net voor zijn opgave
op de flanken van de ongenadige Tourmalet gaf hij
aan een meelopend jongetje zijn drinkbus,
een warm gebaar dat nazindert op het netvlies en
meer waard is dan een ordinaire overwinning.
willie verhegghe
