Mount Remco: Pleasant !!!

Het decor: een zonovergoten land der Aussies 
met Wollongong als Chinees klinkende stadsnaam,
een niet onschuldige bellekentrek door bakvissen
in het hotel van Hollands hoop,
onder een blauwe hemel twee walvissen die speels
de oceaan naar hun hand en vinnen zetten.
Als surplus Schepdaals graniet op weg naar
een regenboog die het wielerseizoen overspant.

Remco speelt machtig magistraal met de pedalen
wanneer hij in tijdritstijl de complete tegenstand overklast,
een exclusieve krachtexplosie om U tegen te zeggen
met de meegezongen Brabançonne als muzikale kers
op de koerstaart, dit alles na een zeer korte nacht
voor het unisono wielerminnend België.
Maar de beloning zal een jaar lang duren:
het mooiste shirt gaat over de prille schouders
van een jongeman die blinkt in zijn vel en
ontelbaar veel sportharten sneller doet slaan.

Du jamais vu ? Niet helemaal maar je moet toch
al flink teruggaan in de tijd om zo ’n wereldkampioen
bij het ontbijt geserveerd te krijgen.
Om met onze nationale talenrijkdom te eindigen:
dank, merci, danke Remco voor zoveel pure klasse
die je met dit wielermeesterwerk hebt neergezet !


Willie Verhegghe

Veel liever nog dan dichter
was hij coureur geworden,

zijn liefde voor de koers
kent geen schaamte
of ironie,

hoe euforisch ziet hij
Remco op dit moment 
naar de wereldtitel
soleren,

zoals Karl en José 
zichzelf overtreffen 
in superlatieven-
journalistiek

zo zal hij
- zo vermoed ik -
zichzelf overtreffen 
in pure poëten-
lyriek






Annemiek again deel zoveel

Waar haalde ze dát nou vandaan?
Hoe kan zoiets nou toch bestaan?
Ze hing daar ergens achteraan
En is er toen vandoor gegaan

Maar hoe dat gaat en hoe dat kan
Daar snapt 'n mens de ballen van
Ze heeft iets in zich, groter dan
Prognose, strategie of plan

Maar toen de grote oppermacht
De rest weer eens had afgeslacht
En dus haar missie had volbracht
Deed zij verslag van dat gevecht
En ik zag een verbaasd, oprecht
En vrolijk meisje met 'n vlecht



Annemiek

 

De Evenepoelsaga

of het ontstaan, vallen en opstaan van een fenomeen

-I-
Genesis

Zoals het op de beginpagina van de Bijbel staat geschreven
waren er ook bij Remco eerst een Adam en Eva,
in dit geval de overal presente mama Agna en papa Patrick.

Bij hen leverde de liefde één enkele baby op
-maar wat voor een hoor ik jullie luidop denken-,
geen dodelijk additief à la Kaïn en Abel dus,
Remco was van in de luiers de gekoesterde Petit Prince,
een jongetje dat eerst jarenlang in voetbalschoenen rondliep
met Anderlecht, PSV, Mechelen en de jonge Rode Duivels
als variërende jeugdresidenties, met talent op overschot en
een kopje dat alleen oog had voor de absolute top.

Tot plots papa’s koersfiets stiekem van stal werd gehaald,
Patrick die zelf de Vuelta en Luik-Bastenaken-Luik reed,
discrete preludes op wat zoonlief later triomferend herhaalde.
Voor hem evenwel geen eindeloze rij jeugdcategorieën,
Remco koerste meteen met zoveel power en grinta
dat hij jaartallen en leeftijd aan zijn wielerlaarzen lapte:
een junior-wereldtitel, op 19 als piepjonge prof met Baskenmuts
in San Sebastian, premature escapades met ongezien gevolg.

-II-
Schepdaal, de biotoop

Ik was nog kleuter toen ik al in Schepdaal kwam,
grootmoeder Celesta had er een broer –Free-
die er een café annex dancing uitbaatte
waarvan ik me vooral een pijnlijke freakshow herinner:
in de gang die naar de dansvloer leidde zaten op een podium
corpulente tweelingzussen van samen pakweg 400kg,
er door hun ouders beschamend neergepoot en te kijk gezet
voor, ja, voor wat ? Ordinaire Belgische franken.

O tempora o mores, gefundenes Fressen voor wokeness,
dat was Schepdaal toen in de verre jaren vijftig voor mij,
het dorp van geuzebrouwerij Eylenbosch op weg naar Brussel
waar het superbegenadigd pocketwielerfenomeen 
groot is geworden maar niet te, gewoon groot genoeg
om als een glanzende bolide door het peloton te razen,
met genen om U tegen te zeggen, dank Agna, dank Patrick,
het zorgzaam klokhen-ouderpaar par excellence,
een koppel tot in de nok gevuld met liefde voor hun zoon,
levend in een golvend groen landschap waar Breughel ooit
met een houten lepel door zijn muts en penseel in de hand
heeft rondgewandeld en in het nabije Sint Anna Pede
zijn schildersezel neerzette om er bucolisch te keer te gaan
met smakelijke boerentaferelen om de vingers bij af te likken.

-III-
Brutta caduta di Remco
of de Lombardische tragiek van 2020

-IV-
Faucon Remco
-Liège-Bastogne-Liège 2022-

-V-
Remco por favor
-voor Renaat Schotte, na de 18de Vuelta-etappe-

-VI-
Panamaremco in Madrid

De Spaanse hoofdstad ziet de triomfator naderen 
in een vuurrood shirt waarop een dag eerder tranen vielen
uit ongeloof, dankbaarheid en diepmenselijke emotie
verzameld in een wenende Remco nu was volbracht
waar hij al jaren ascetisch had naar toe gewerkt en
Belgenland nog veel langer op heeft gewacht:
een grote Ronde als beschaafde scalp aan de gordel.

In het Prado buigen de Oude Meesters het hoofd en
bergt de Guernica voor één dag zijn tragiek op,
een verrezen Picasso geeft met zachte penseeltrekken
elk menselijk gelaat en ook de paard- en stierenkop
een bloedrode glimlach, oorlogsgruwel die heel even
plaats ruimt voor de onvolprezen Vuelta-zege
van een toffe jonge man uit Schepdaal.

Merckx, Van Impe, Maertens en De Muynck ontvangen
een glanzende Remco in hun Grote Ronden-vergaderzaal,
de ban is nu gebroken, aan de Madrileense hemel
kleurt een ongewone regenboog geel, rood en roze,
ik plaats Remco op een verdiende piëdestal waarop
hij vooral als mens groot staat te zijn en geniet volop
van zijn exploten in het land van Don Quichot. 

Heel even worden Poetin, energieprijzen en klimaatsores 
on hold gezet en zorgt de koers voor zalf op dagelijkse wonden.
En om onze nationale held in kunststad Madrid artistiek te eren
voor al het sierlijks wat hij ons snel fietsend biedt
doop ik hem kort en eenmalig om tot PanamaRemco,
de nieuwe Meester der snelle mobieltjes op asfalt.


De opvolgers

Laatst, op een terras, een gesprek 
gehoord tussen Tadej en Remco,

ze vroegen zich vrolijk af wie 
van hen het eerst zal zegevieren
in 19 monumenten, 3 WK's
en 11 grote rondes 

want zo ziet het palmares
van d'n Eddy er uit,

in de jaren veertig en vijftig
had je toch een Italiaan
die ook het een en ander
gewonnen heeft
zei Remco

jaja, dat was Fausto
riep Tadej en googelde,

miljaar vloekte hij 
op z'n Sloveens

9 monumenten, 1 WK 
en 7 grote rondes
won die gast,

Bernard kon er ook
wat van, zo las Remco
op zijn mobieltje

5 monumenten, 1 WK 
en 10 grote rondes

en al die journalisten
en supporters maar roepen
dat wij de opvolgers
van d'n Eddy zijn

lachen hoor,
juffrouw, mogen wij
nog een glas wijn


Herman Van Springel

RIP Herman Vanspringel (14/8/1943 - 25/8/2022)

Zijn ijver om zich van tegenstand en twijfel
te bevrijden. Stak grootspraak bij hem enkel
in de benen – waarmee hij eeuwig door kon
blijven rijden. Gent-Wevelgem, Parijs-Tours,
Lombardije. De tricolore en de groene trui.
Twee keer de Landenprijs, vijf Touretappes,
zeven keer Bordeaux-Parijs.

En toch. Kreeg hij de waar van zijn talent
maar moeilijk verkocht. Zat hij al te dikwijls
tussen het keurs van zwijgen en van Kempense
bescheidenheid geprangd. Janssen en de gemiste
kansen, het harnas van het modeste Mann.

Wat schuw, wat schuchter, leek er van deze
Tamme Goedzak altijd iets verontschuldigend
uit te gaan. Herman Vanspringel, een kampioen
zonder het erom te doen.

 


Een einde

Tijdens rondes scheren renners scherp
langs ravijnen en rotondes naast dieptes 
obstakels over verwoed als kunstenaar 
in evenwicht klikkend in pedalen vliegend
met opgepompte aders vol adrenaline

een uitgebeukte arm verstoort balans
dominostenen van carbon kletsen
op straat stilvallende benen schuren
het asfalt schoon lekken bloedsporen
over gebronsde kuiten sijpelen rode

strepen vers naar beneden gekrakeel
van opgewonden standjes boze bazen
overzien ravages vanuit hun hemeltroon
vloeken renners weer omhoog afstand
tot het mensdom voor kapitaal en eer

terwijl de allerongelukkigste met schenen
strak versneden onder vangrail uitgetild
zijn weg medisch vervolgt de ronde met 
sirene “aan de kant uit de weg” zijn vel
als printafdruk op staal en asfalt 

zo het einde van zijn strijd voelt naderen


Voorsprong

je hoeft niets op te hemelen 
wanneer in alle bochten het geluid 
van piepende schijven scherp vonkt
het dal is horizontaal, maar lijkt een vals plat te zijn 

de afdaling ontrolt als een kronkelsteeg 
naar de kelder van de hemel, een steeg met kasseien 
en scheve deuren, waar onverwacht iemand uitstapt 

zodat de hel toch nog losbrandt, een zwart gat 
schroeit in elke nieuwe afgrond

op de fotofinish blijkt een lokale vlam te likken
aan je ontboste kuit, de lucht trilt na
het toegestroomde publiek smacht naar adrenaline 

je weet dat schouders uit de kom en een sleutelbeen 
van grotere waarde zijn, in ieder geval grotesker 
dan dit decor: een eenvormige menigte  

het podium ontvouwt zich uit het niets: jouw uitzicht 
op een fel gekleurde regenboog tegen de berg
in een smeulend nest 

het peloton zwelt alsnog aan met opgewonden stemmen


Remco en Cian

Als Remco en Cian straks 
strijden om de zege
in een monument
of grote ronde

weet ik voor wie ik
supporteren moet,

een zus van de opa
van Cian is de weduwe
van een broer
van mijn vader,

zo simpel is het dus:
verschijnt Cian weer
eens in de media
dan denk ik
aan mijn tante Mária





Grote numero van Remco

Donderdag 25 augustus anno domini 2022,
een dag die ik graag in het Belgisch koersgeheugen grif:
Vuelta a España, Ascensión al Pico Jano, San Miguel de Aguayo,
mist die te snijden is, regen op hijgende en afgepeigerde borsten,
een Australiër -Jay Vine- komt vanachter de grijze coulissen en
wint de rit, meteen daarna volgt de Schicht van Schepdaal,
Remco, het mannetje met een overdosis panache en culot,
een terechte grote mond gekoppeld aan weergaloze klasse.
Rode Remco, bijna een in de bergen verdwaalde communist
die met de Duitse nederlaag in Stalingrad in het achterhoofd
alles of toch bijna alles kapot rijdt, de kolossale krachten
uit de dijen om U tegen te zeggen, de vastberaden stoute blik.

Vorige week zondag passeerde Remco nog aan mijn deur,
Pollare even centrum van het wereldkoersgebeuren,
ik zat in mijn luie auto, hij reed tegengesteld trainend
op weg naar een Vuelta-exploot, Madrid here he comes !



Herman Van Springel en Jan Janssen

of
de tragische clash in de Tour van '68
of
de luttele 38 seconden 50 jaar later

1. De triestige proloog

De Golden Sixties waren niet al goud dat blonk,
er zaten ontelbaar veel giftige adders onder het gras:
de moord op Che Guevara trilde nog na in La Higuera
waar zijn bloed maar niet wou stollen,
in Vietnam spuiten uit duizenden aders 
helrode fonteinen van vernieling en verdriet,
in Saigon krijgt een Vietcong een kogel
door het hoofd terwijl de wereld toekijkt,
Martin Luher King sneuvelt, Rudi Dutschke bijna,
Robert Kennedy valt in het bloedspoor van zijn broer,
in Frankrijk trekken arbeiders en studenten
schouder aan schouder ten strijde -allons enfants-,
het Ancien Régime wankelt maar Le Général
die twee wereldoorlogen heeft overleefd staat pal,
de revolte loopt zich tegen zijn pantser te pletter,
in Leuven krijgt eng nationalisme de Walen buiten,
een egocentrische voorbode van 'Eigen Volk Eerst'.
Ik kokhals in mijn jonge kop die Vinkenooggewijs
liefde wil en alleen maar liefde. Amour toujours !

2. Het jaar na Simpson

Over het Kanaal, noordwestelijk en Brits, ligt
in de schaduw van een vermoorde mijnschacht
het gevelde lichaam van de te ambitieuze kampioen,
Tom Simpson slaapt er zijn zegeroes en utopia uit,
onder een zwarte grafsteen die helemaal niet doet vermoeden
hoe wit de plaats was waar hij een jaar eerder is gestorven:
op een berg, genaamd Ventoux, een bleke desolate plek waar
alleen de wind en hitte thuis zijn, een knekeltuin van rotsen
waar iemand met een grote dosis eau de Javel is langs geweest..
Maar anno 1968 laat de Tour de berg koud en 
duldt hij geen zweet van afgematte renners op zijn flanken.
De karavaan spreekt met gedempte stemmen uit één mond
over de één jaar oude martelaar en draait daarna ongegeneerd
de zwarte bladzijde om met wild wentelende wielen.
De Tour is hard als staal en kent geen mededogen,
heel soms krijgen zijn gevallen helden er een monument
waaronder zij eeuwig naar adem mogen snakken.

3. De val van chouchou Poupou en de open strijd

Quatorze Juillet, la douce France schittert
met haar onaantastbaar aureool rond Jeanne D' Arc
-de enige ware koningin van dit hemels land-
wanneer op weg naar de ovenhete stad Albi 
de chouchou suprême van het wielerminnend volk
door een motard tegen het wegdek gekegeld wordt.
Grieks drama over het hellezwart en heet asfalt,
Poulidor ziet zijn zegekansen in rook opgaan en
rijdt als een bloedend Limousinrund over de meet.
Albi laat zijn Meesterschilder Toulouse Lautrec
de katafalk voor de gevallen renner inkleuren zoals
de Meester dat ooit met het tentzeil deed waarop 
La Goulue haar Moulin Rouge-benen de lucht inzwaaide,
morbide French Cancan voor de gekwetste renner. 
's Anderendaags duiken Aimar en Pingeon in het gat,
met hier en daar ook een flard Wolfshohl en Bitossi
wordt de as Rome-Berlijn in oorlogloze eer hersteld.
Op de achtergrond de Belgen Bracke en Van Springel,
een wereldrecordhouder en zijn stille secondant
die de gele trui van zijn sponsor Poeders Mann 
nog niet als voorbode van dat andere geel ziet.

4. De Onze Lieve Vrouw van Jan in Putte

Naast de voordeur van Jan's zonverlicht huis:
in een klein venster zit een glasraam
een en al kleur en Onze Lieve Vrouw te zijn:
woont hier een doodbrave ouderwetse katholiek,
vraag ik me af maar vrouw Cora zegt gewoon
dat haar kundige vader het heeft gemaakt.
Jan zal me daarna onomwonden bekennen 
dat hij veel aan zijn godsgeloof heeft gehad,
dat het hem sterkte in moeilijke momenten:
godsvrucht als ultieme scapulier tegen drama's en
valkuilen in het peloton, tegen het noodlot
dat om elke bocht naar de renners loert,
een heilige glasraamvrouw als duwtje in de rug
op weg naar het stralend geel in Vincennes.
De gentleman-coureur die zich veilig en geborgen weet
onder een baldakijn van fladderende engelen.

5.De pijn van Herman

Die zwartgele zondagnamiddag van 1968 in Vincennes:
in de sombere catacomben van de wielerbaan
zit hij ineengedoken, een gekwetst en verslagen dier,
kop tussen schouder, tranen in de trieste ogen.
De gele trui zit kleurloos om zijn verlamd lijf
dat geschokt en afgepeigerd de nederlaag en
de ontgoocheling verwerkt, een moderne Christus
zonder doornenkroon, onzichtbaar gekruisigd,
pijn tot in de kleinste vezel van het lichaam
dat vertraagd de tijdrit naar Golgotha herbeleeft en
beeft en schudt tot in zijn kleinste pezen.
Troosten lukt niet, ook al zit er een arm om zijn schouder,
de hemel die op het arme hoofd is neergestort 
is hel geworden, een vlamloos inferno van verlies 
dat zijn klauwen in het hijgend lichaam priemt. 

6. Een Hollander in België

Er hangt altijd wat gezonde ouderwetse spanning
in de lucht wanneer Belg en Nederlander
vredig samen zitten en hun tongen scherpen
aan een andere taal die finaal dezelfde is.
Maar Jan weet beter nadat hij geel won en
als hij na zijn wat onverwachte zege in de Tour
komt koersen in het land van Brel en Kuifje,
wanneer hij er dan zeldzaam op zijn fiets springt
zijn het awoertgeroep en schelden niet uit de lucht, 
iets wat hem nu nog altijd kwetst. En terecht.
Maar The Times They Are a-changin:
met de jaren werd Belgische mildheid zijn deel,
hij zegt dat hij in het Aalsters na-Tourcriterium
voor de exquise oldtimers van de koersfiets
op applaus en aanmoedigingen wordt onthaald,
de tijd heeft het oud rumoer de mond gesnoerd,
nu rest hem nog de glans van de verdiende roem.

7. Oranje supporter

'Dirk Dirkszoon ?
Matthijs Mathijsen ?
Jonas Jonaszoon ?
Gilles Gillijnsen ?

Wat te denken van:
Klaas Klaassen ?
Dries Driessen ?
Of Hans Hanssen ?

Een echte Hollander
viert elke 21 juli nog
de naam van Jan,
de eerste Janssen.'

      Peter Ouwerkerk

Holland stond die zondag op zijn kop,
de old fashioned koningin Juliana verdween somber
tussen de droeve plooien van haar huwelijk,
de goede oude Pontiac van Wim Van Est tikte
alsof hij nog maar pas geolied was, het ravijn lag al lang 
in muffe wielerboeken tussen demente rotsen begraven.
Koning Jan wekt in Parijs met een chronorit de natie 
die in een diepe zomerslaap gevallen was.
 
8. Tricolore supporter

'Altijd mee vooraan, altijd
Herman, held van mijn jeugd
helden houden afstand
om held te blijven
Herman blijft mijn held
zelfs van heel dichtbij
waar zijn kacheltje brandt
en blijft branden.'

          Mark Uytterhoeven

Met een speels gebaar naar Paul Van Ostaijen
groet Mark 's morgens de dingen maar tegelijk vergeet
hij nooit om bij elk ochtendlijk kraaien van de haan
aan zijn jeugdidool te denken: Mark Uytterhoeven
als supporter pur sang, doordrongen van onwrikbare trouw,
ooit begenadigd reporter van kamwielen en rennerszweet,
nu uitblazend bij het altijd warme kacheltje van Herman.

9. Rochefort

Driekwart eeuw oud of beter: jong,
want Herman oogt als een jeune premier,
ontspannen, scherp, alsof hij nog maar pas
zijn racefiets aan de koershaak heeft gehangen.
Hij nodigt me uit op een hoogfeest voor de tong:
het savoureren van een donkere Rochefort,
een godendrank  klaargestoomd door paters 
die er hun hemel op aarde mee verdienen.
Het zalig vocht brengt dichter en renner
dichter bij elkaar, juli '68 ligt ver achter de rug en
wordt een schaduw die steeds maar kleiner wordt en
in het huis geen zichtbare sporen heeft achtergelaten.
Oké, er is nog een groene trui waarmee Herman
ooit Parijs en de Tour verliet, een wollen troostprijs
voor het geel dat van zijn schouders werd gerukt.
De mooie rennerskop droomt even weg,
Herman, een man die veel warmte uitstraalt,
een groot kampioen zonder kapsones,
a sportsman for all seasons.
Levend met het verdriet van een dode zoon.

10. Zalf op verse wonden

Jan weet goed hoe kwetsbaar hij is als mens,
elke nieuwe dag die hem wordt gegund
is en blijft hij dankbaar, ook voor de zonnegele trui.
Want ook de kelk is niet aan hem voorbijgegaan,
de gevreesde ziekte knaagde zijn rust aan flarden:
hij kraakte, knakte, greep een tweede kans 
die hij nu met gans zijn lijf en kop benut.
Ik hoor hoe hij in zijn woorden de hand reikt
aan Herman en zegt: Ik heb je geklopt maar
ken je pijn, vergeef me de zegeruiker die
ik je nu nederig en in vriendschap bezorg,
duld mijn hand op je schouder. 

11.Oranje-gele gekte

Jan werd als een god in Nederland ontvangen,
zijn gele Tourtrui kreeg er een oranje gloed en
zowel man als vrouw gingen door het lint
toen hij in het criterium van Chaam zijn faam
met 150 000 uitgelaten supporters zag bekroond,
zij schoten er als paddenstoelen uit de grond,
sommigen knielden neer en kusten het asfalt
waarover hun held zopas was voorbijgeflitst.
Wielergekte tussen tulpen, Heineken en braadworst.
Alles werd met beverige televisiebeelden
tot in de huiskamers gebracht, kijkvreugde alom, 
in de bioscoop groeide het Polygoonjournaal 
door het timbre in de stem van Philip Bloemendal
uit tot een feest van hemelse retroklanken,
Bach en Mozart met een wielersausje overgoten. 

12. Brothers in arms

De zon schijnt gulzig in het Grobbendonkse huis,
de groene trui baadt in een zee van licht,
een tweede Rochefort doet zijn zaligmakend werk
in kop en benen, Herman is van diamant en goud
wanneer hij over de koers en het leven praat.
Tot de jong gestorven zoon verschijnt,
een ver en mistig beeld zonder woorden,
we kijken mekaar in de ogen, brothers in arms,
we zien hoe onze jongens samen door een hemel fietsen,
Peter en Miguel, beiden veel te jong verdwenen,
diepe littekens in het vlees van renner en dichter
die treuren om de uit het nest gevallen vogels.
' Daarmee vergeleken zinkt mijn nederlaag
van juli '68 kompleet weg in het niets', zegt Herman.
Een haast sacrale stilte wordt en is voor altijd ons deel,
we komen net buiten tijd binnen, gedwongen opgave,
de draaiende wurggreep van de wijzers op de klok . 





Wielertaal

Zoals een wielerwedstrijd een eenheid
vormt, is de taal. Met losse woorden

als individuele renners. Samen vertellen
zij telkens wat anders. Een ploegentijdrit

wordt zo als een gedicht, een demarrage
een uitroep van verbazing en het peloton

een lint van steeds wisselende zinnen
die doorgaan totdat er een punt achter

gezet zal worden, als bij de laatste pagina
van een feuilleton. De verslaggevers

op tv zijn taalkundigen, al hebben zij niets
aan woordenboeken, het zijn de renners

immers, die net als in het eindklassement,
de volgorde van de woorden bepalen.


Beste T

Beste T

je hebt net via Instragram
laten weten dat je 
per onmiddellijk
een punt zet
achter je carrière,

je hebt geen zin meer 
om nog langer
een frustrerend pad
te gaan,

ook het volgen 
van een geduldige weg 
trekt je niet
omdat er geen garanties
zijn op succes,

't is mooi geweest,
met een helder hoofd
en een vermoeid lijf

kijk je trots 
& dankbaar
terug,

terecht

want op en naast
het parcours

was je een zegen
voor de koers





Zaaf

Bij die plataan ligt Abdel Kader Zaaf
Op links en rechts zit zijn verzorgingsteam
Men is juist over Abdel in conclaaf

In de etappe Perpignan naar Nîmes
Kwelde de dorst en werd zijn lot beklonken
Niet drinken smoort je kansen in de kiem

Publiek schonk drank en Abdel werd beschonken
Waardoor hij nu hier als een dronkenman
Beneveld onder toezicht lijkt te ronken

Ze lachten luid om die fou pedalant
Toen Abdel als een dolend fietskoerier
De weg terug nam; richting Perpignan

Hij finishte die dag op vijf kwartier
Daar water beter was geweest dan bier




Keutenberg

Als de koers voorbij is
en de stilte weergekeerd
blijven vogelzang
en eigen hijgen
over,

geen gladiolen worden
hier beloofd maar
orchideeën

en een eetbare sierweide
tussen de vakwerkhuisjes 
op de top,

de tijd nemen om
te kijken waar men
vandaan komt

daar fleurt men
hier van op



(te horen en te lezen op 24BicyleTV)

Knud

Andere tijden sport. De Deen Knud Enemark Jensen (30-11-1936. 26-8-1960) 
Olympische Spelen Rome


Zijn lichaam voelde aan als een machine
Tot aan het keerpunt ging hij als een trein
Hij koos die dag voor de amfetamine

Maar stuitte onderweg op Magere Hein
En daar lag Jensen K. bewegingsloos
In Rome, aan het eind van zijn Latijn

Hij nam om goud te winnen risico's
Knud inishte toen in het rijk der goden
Door die verderfelijke  pillendoos

Waar in zit wat voor renners is verboden
Een eigen kleine zelfhulpapotheek
En die helpt jou onder de groene zoden

Dan raak je door zo'n pilletje van streek 
En sterf je door dat snoepje van de week.


Kracht

 


Veilige haven

gespierd lycra, naakt als een speer 
prikt gaten in de glazen droom 
van een immer demarrerende wereld

een staak wuift staand op de pedalen 
strak in zijn eigen eeuwigheid
met de ijzeren geest van cortenstaal  
terwijl roest in de luwte houvast zoekt  

terwijl jong geboren pelotons zwelgen 
in verhalen over oude veldwegen 
juist op het moment dat jij de stilstand

laat ervaren tussen puntige kasseien 
soms, heel soms gebeurt een wonder:
niet jij fietst, maar de aarde draait


Marius R.I.P

Als in het hete zomermiddaguur
Op Col ‘d Ardur het hete asfalt smelt
Valt Urquhart van clair naar het obscur

Als hij lichtzinnig naar beneden snelt
Raakt hij daar in bocht vierendertig kwijt
Zo wordt aan Essence Insurance gemeld

Hoewel zijn weduwe wel passend schreit
Gaat zij een gouden toekomst tegemoet
Hetgeen voor lijfsverzekeringen pleit

Daarna gebeurt wat zij nooit had bevroed
Wanneer bij haar zijn look-a-like verschijnt
Die haar verlies van Marius verzoet

Soms heeft een julidag een prachtig eind
Ooit schijnt de zon weer als jouw vent verdwijnt


Lof der Zotheid

 1
"Ge ziet toch dat alleen de dieren het gelukkigst zijn die niet door de mens zijn gedresseerd maar die slechts bij de natuur ter schole gingen"
Lof der Zotheid 

Kopenhagen 

Het is de mooiste maand van het jaar 
en we verstaan de kunst van de wijnslakken
zo weinig mogelijk zandkorrels te verplaatsen
in zo veel mogelijk tijd
over alle grenzen heen
van gouden eeuw naar breekbaarste seconde
van Vingegaard uit Hillerslev
naar wijngaard in Bourgogne

Het zijn andere tijden 
met meer gewicht en meer verwarring
Voor het Vrouwencentrum in het Dwaasland
staan twee mannen 
bedachtzaam te staren 
in hun kopje kamillethee
ze kijken mij meewarig aan 
in mijn jacht op kranten 
Voor het podium in Pretpark Tivoli
schreeuwt de massa:
Laat een traan! Laat een traan! Laat een traan! 
Ingen uden târer! Ingen uden târer!

Jonas Vingegaard staat op breken
Mathieu van der Poel raakt niet in zijn strakke pak.


2
"Schoon is wat moeilijk te bereiken is"
Lof der Zotheid 

Roskilde 

Na een nacht tussen de koeien 
zo gelukkig als dertien koeienstaarten
in mijn lijf danst nog een stier
Ik ben maar een simpele boerenzoon
uit een dorp van karnemelk
waar men Carlsberg nog niet kent

Ik sliep onder een gele deken
Maar hier in het roze ochtendlicht
scharrelen reeds de pinken
op nog dunne poten 
en heldere ogen
het Deense gras is zoet

Straks trek ik het peloton in waaiers
zeventig meter hoger dan de waterspiegel
een zee van wiegende weiden
onder een niet echt rimpelloze 
verbeelding

Gelukkig als een pijpenstrootje
Gelukkig als een lichtjaar

Schoonheid is niet moeilijk te bereiken
als je van eenvoud houdt 
geniet van bluts en buil en rode kop.


3
“Afstand scheidt de lichamen, niet de geesten”
Lof der Zotheid

Nyborg 

We spelen roulette met de wind 
maar de kans op overleven wordt groter
nu de wind op de kop gaat slaan
We duiken in het vocabularium van de dichter 
en de zee ploegt zich voort
van kustlijn naar hulplijn
van zandbank naar woestijnschip
in het appelblauw van Cyril Barthe
het blauw van Kasper Asgreen
het marineblauw van Aranbura of Verona
een golfwedstrijd tussen drie zeilen
met een zweem van walvis, aquamarijn en indigo
een kleurbreuk na elke val
de zee ploegt verder
van overvloed aan indrukken
naar reddingssloep

Een renner stapt plots uit de zee
zonder staart en zonder schubben
zonder een gezicht 
maar met een schram

Soms duikt zo maar een drenkeling 
uit de doden op
gooit de handen in de lucht
schreeuwt: incroyable

Er is geen afstand meer 
tussen vreugde en het rollen van de golven
Het publiek juicht:
Go, indigo, go go
Go Fabio!


4
“Per slot van rekening is de menselijke ziel nu eenmaal zo ingesteld dat eerder de schijn dan de werkelijkheid haar imponeert”
Lof der Zotheid

Côte de Hejlsminde Strand

Bij kilometer 0 is de wedstrijd al gereden
De winnaar klimt op de schouders van de winnaar
torent in het hemelblauw boven de erehaag

Stoeprand kies uw koning!
Feestneus kleur maar rood!
Polka dot maak salto!

Ook ik spaarde als kind punten van Artis Historia
om de prenten te verzamelen:
het jachtluipaard
de klimgeit
de springbok
de bultrug (met wel drie bidons)

Heilige vlaggen ga voor wit en rood!
Walrus kies de snor van Magnus Cort!


5
“Wie niet dartelt, heeft een korte jeugd”
Lof der zotheid

Tour de Leughenaer

Ook wielrennen is een daad van bevestiging

Ik bevestig dat ik sterven kan 
een speelse verzameling
hendeltjes, spieren en kabels
kwetsbare botjes
een breekbare hersenkom 
gedachten aan een vader en een moeder
en een zoontje dat ook sterven kan
longblaasjes, vertakkingen 
met nog onverwerkt verdriet

Het is oorlog en niemand weet waarom
Ik sta onzeker aan de start.


6
“Het verlangen om te schrijven, groeit terwijl men schrijft”
Lof der Zotheid

Calais

Winnen is altijd het mooist 
ook al blijk je even later
helemaal niet de winnaar te zijn geweest

De winnaar liegt nooit
En even was het geen leugen
Het geluk had jou gekozen 
om als eerste te juichen

nadat iemand hemelsbreed
zijn vleugels al had uitgeslagen
nabij een vluchtweg van opaal

wachten de verstekelingen

Het verlangen om te vluchten, groeit 
terwijl men vlucht.


7
“Fortuna begunstigt de onbezonnen”
Lof der Zotheid

Mijnsite Arenberg

Frankrijk heeft één van de grootste goudreservoirs van de wereld, maar geen goudmijn
Mali heeft wel vijftig goudmijnen 
maar geen goud

Frankrijk heeft een geweldig reservoir
aan blauw-grijze kasseien
met de ambitie van een goudklomp

Een lange weg kasseien vlijt zich
tot een balzaal naar de roem
Vandaag dragen de renners spitzen
Diamonds on the sole of their shoes
Het is aftellen naar de gouden stoelendans

Het is flirten met een val
Warm leunen op de schouders van een tegenstander
Schouders halen uit een verwrongen kom

Het is lang wachten op een danser uit Mali
of desnoods een mijnwerkertje uit Zuid-Afrika
de frêle Louis Meintjes 
op de gestolen fiets van Maximilian Walscheid.


8
“Vleierij bewerkt dat ieder behagen schept in zichzelf, wat toch zeker zeer veel bijdraagt tot het levensgeluk”
Lof der Zotheid

Binche

En dan is in Binche vertrekken best een optie 
met fanfares en confetti, pluimvee-
houders met struisvogelveren op de kop
als voor een allerlaatste rit in knallend geel
een feestelijke editie van een kameleon

En dan nog maar pas vertrokken sprint
ik weg uit dit peloton van valse snorren
scheer een jongeman nog vlug de baard

het wordt salamanderen naar Chimay vert 
tussen een haag van lofzangen uit de kantine
wat ezelen naar een vent, made of selfies
die ik met één fatsoenlijke aai 
wat graag de gracht in stoot

Dan keer ik grijnzend naar het peloton
Ga wat dromen aan de staart 
over dennen, zomerlinden en platanen

Ik ben op weg naar Longwy, al lang 
op weg naar wie ik ben in groen.


9
"Wat baat schoonheid indien de smet der preutsheid daar op kleeft?
Wat de jeugd, als ze haar door den zuurdesem van aftandse brommerigheid laat bederven?”
Lof der Zotheid

La planche des belles filles

Op het einde was er nog slechts de motoriek van de vermoeide echtgenoot
Misschien dacht ik te veel na

Ooit was dit de springplank
naar mijn geluk als Dylan Leon Victorious
Ooit was dit een stenen bruidsbed

Ik hoorde het jou nog vragen:
Is dit de plek?

Maar vandaag lukt het niet echt
Ik had nog een liefdesliedje willen zingen
maar was slecht bij stem
had de benen van een getrouwde vent

En het huilen stond me nader
dan het om liefde smeken.


10
“Wie een te goed geheugen heeft, is een slechte disgenoot”
Lof der Zotheid

Dole

Het pharma en omega van de koers:
De hechtpleister 
(om te kleven aan de kopgroep)
‘Niet lossen, niet lossen, niet lossen’
De enkelband (flauw grapje)
De kniebandage
De flessenhals
De hartslagmeter
De vitaminebom
Het ijzersupplement 
(om een zacht karakter te camoufleren)
De massageolie 
(Honeypower & Tranquility)
Het Tramadol en Dafalgalala
(Waarom zou je 2,5 gram paracetamol nemen in de finale, vraagt Cian Uijtdebroeks zich af
Ik blijf gezond op bruine suiker en bananen)
De applausmeter
De grote vermogensteller
De rozenkrans
Het gashendeltje
En o, de kaaklijn van de vlam
Het eerbetoon aan Louis Pasteur


11
“Ik weet dat moeder Natuur niet alleen aan ieder mens afzonderlijk een flinke dosis eigendunk heeft meegegeven, maar dat ze ook iedere natie en stad een collectief chauvinisme heeft ingeplant”
Lof der Zotheid

Les portes du Soleil, 11 juli

Vandaag knippen we het geel uit zwart, geel, rood 
het zwart uit zwart en wit

We zwaaien niet met vlaggen
We liegen niet om goud
We zijn speels en onbezonnen
Een jongetje roept: ‘What the fun!’

Nathan Van Hooydonck maakt nog een paar toertjes met de fiets van Jonas Vingegaard
Het gras is gaan liggen in het hooi

Dit is een rustdag
De leeuw slaapt bij het lam.


12
“Er zijn van die mannen die meer van Wijntje dan van Trijntje houden en dan hun grootste geluk aan de stamtafel vinden”
Lof der Zotheid

Café De Voermansrust

Kijk, mijn lijf vraagt discipline
Om klokslag negen, vlak voor mijn eerste pint 
zie ik mezelf weer in de gele trui
gespiegeld in een porseleinen tapkraan
Ik heb nog net de tijd om een ploegmaat 
aan te sporen mij een rondje te betalen
Je moet altijd rekenen op je ploegmaats

Als achtjarige won ik ooit de sprint
op een te kleine fiets
van de grootmoeder van Brent Van Moer
Mijn ploegmaat was een pluchen leeuwtje

Het zijn sterke schouders 
om het geel te kunnen dragen
Mijn lijf vraagt heel veel Voermansrust 

Ooit probeert Brent Van Moer de vlucht vooruit
Het zit in de familie.


13
‘Niets is dwazer dan wijs te zijn op het verkeerde moment’
Lof der Zotheid

Mont Blanc

Wij lijmen ons vast aan sneeuw
Wij lijmen ons vast aan zwarte sneeuw

Wij schrijven met een MontBlanc
Het woord voor sneeuw 
Het smelt meteen op gloeiend wegdek

Langs de kant van de weg 
staan sneeuwpoppen
in het wegwerpplastic van Ineos
Ze schreeuwen:
Dylan, Thomas! Ethaankrakers!

Wij zien zwarte sneeuw op onze schermen
we zien met koolzwarte ogen

And it’s a hard, Felipe
And it’s a hard, Filippo
And it's a hard, it's a hard
It's a hard, it's a hard
It's a hard rain's a-gonna fall

Viva Dylan Thomas
Viva Bob Dylan!


14
“Het paard deelt het onheil der mensen. Want niet zelden put het zich uit bij wedstrijden, omdat het zich schaamt voor de nederlaag. En op het slagveld wanneer het streeft naar de overwinning, wordt het doorstoken en bijt het mét de ruiter in het zand”
Lof der Zotheid

Monsieur Galibier

Olivier Naesen zit van bij de start al op zijn zieke ros
En vloekt en proest en fluimt
‘’t is klote! ’t Is kut en kut en snot!’
Hij schreeuwt naar Bahamontes
spuwt zijn gal naar Monsieur Galibier
Galibier, indrukwekkend maar een beetje grijs
zou de naam kunnen zijn van een verre oom
een avonturier, slavendrijver misschien

Zo’n Didier Galibier, aanvoerder van De Maquis, het verzet in de Vercors.
Of Éduard Galibier, auteur van La Descente vers la Montée, vertaald als Dalen om te Klimmen.
Antoine Galibier, uitvinder van de indicateur système circulatoire, richtingaanwijzer voor de bloedsomloop.

Maar Olivier geeft het op nog voor de beklimming
Kiest richting dal en Donkmeer
Anderen hinniken en briesen verder naar het front
Warren Barguil, een naam voor een alpenhoornblazer, haalt als eerste de top 
van de stenige, de bitsige, de snoodaard
De Galibier, het zou de naam kunnen zijn 
van iemand die zwaar fout zat in de tweede wereldoorlog.


....................................................................................
Lof der toekomst

De toekomst zal mooi zijn (ook na Vingegaard)

Jérome is een mooie naam om een berg te beklimmen
Kaap Schoonuitsig
Côte de Bellevue
Col de jambes fort
Côte du grand Sourire

Jérome is een naam om te schrijven aan een sprookje
te bouwen aan een boomhut boven de boomgrens
Meester van de zoete Heerlijkheden
Heer van de Poorten naar de Zon

Er is genoeg geluk voor iedereen
We delen fortune cookies en bidons
We wisselen truitjes 
We leren kleuren buiten de lijntjes
Dromen op drie wielen van het geel

Jérome is een mooie naam om te dromen in de wolken.

............................................................................................

15
“Een grote stad betekent grote eenzaamheid”
Lof der Zotheid

Saint-Étienne

Etienne, Etienne, Etienne
Alle vlaggen wapperen alleen voor jou
En alle geld van de wereld moet rollen 
ook bij een aanslag of een massasprint

Etienne, Etienne, Etienne
Alle eenzaten dragen een rugnummer
Jij draagt het nummer 1813 omgekeerd 
dwaalt als een kind in een te groot verdriet

Etienne, Etienne, Etienne 
Misschien trakteert zo’n Mads of Magnus
met zo’n glimlach vol en machtig 
jou wel op een literblik Deens Blond 

En alle geluk van de wereld moet rollen
Het rolt en rolt en rolt en rochelt
doet zelfs de duivel schrikken 
in het peloton van moedelozen

Etienne, Etienne, Etienne, Etienne
Die reclamekaravaan neemt jou ter harte
En die wilde horde fotografen zoekt 
één krachtig beeld voor alle leed.


16
“Zo beweren theologen bijvoorbeeld, dat het een lichter misdrijf is, duizend mensen van kant te maken dan eenmaal op de dag des Heren een schoen te naaien voor een arme drommel”
Lof der Zotheid

Gargouille

Waarom niet eens een rit van Paradis naar Ouderdom 
of andersom, met elke trap opnieuw een frisse kop
doorheen de gehuchten Dronckaert en Purgatoire?

Maar neen ze zoeken weer de hel van oude kerkjes 
wankel op wat rest van een vulkaan

We zalven nog een middeleeuwse god
balsemen de baard van Quinn mojito Simmons
de jongste held uit het peloton 
drinken ons een weg van doel naar doel
o Bloody Bonnamour
o Daniel Felipe Dry Martinez

De kafjes vergroeien met hun gouden korrels
De renners dollen met hun drankjes
Luke Rowe belt naar de drankencentrale
Het wordt een hete zomer

Het is een rit van Nieuwegein naar Gargouille.


17
“Zodra men zijn roes heeft uitgeslapen, komen triomfantelijk de zorgen weer terug”
Lof der Zotheid

Carcassonne

Er was die Eenzaamheid van de Grote Dagen
De openbare Dronkenschap na de dorst
Het verpletterende percentage alcohol in de roes
en altijd weer bergop

Het waren de dagen van het Zweet des aanschijns 
en Ware Hongerklop
Geen pedaleur de charme maar dronkenlap
Abdel-Kader Zaaf reed ver buiten schot 
maar besloot zich te laven
aan twee flessen rode wijn
Châteauneuf -Grande Soif
Toeschouwers vonden hem laveloos 
onder de schaduw van een grote boom
zetten hem weer op zijn fiets
voor Zaaf ging het meteen bergaf

Vandaag is er een hitteplan
Het felle groen wordt meteen terug gefloten
Het is de tijd van grote rollen zon 
en duizenden zonnen op te hoge poten
Zelfs de waterdragers spuwen vuur

Jasper Philipsen vlamt verbeten 
terwijl mensen rennen voor hun leven
Een wereld staat in brand.


18
“De zwanen zullen zingen zodra de kraaien zwijgen”
Lof der Zotheid

Foix

Je kan nooit twee keer baden in hetzelfde zweet
Het is heerlijk om je koelte toe te waaien 
met ‘Die Welt als Wille und Vorstellung’
meent Mikkel Frolich Honoré

Hoe hij het hoofd koel houdt in deze tour?
Slechts een kleine dosis Nietzsche
en veel water, water, water
tot weer alles stroomt in afgepeigerd lijf

Mikkel schrijft met heel kleine letters 
die nog moeten leren zwemmen

60 haarspeldbochten 
schrijven aan een machtig landschap

61 bergen 
schrijven een traktaat

De man met de hamer slaapt nog in de afgrond

Je kan nooit twee keer schitteren
in dezelfde zeepbel
Soms hamer je zo hard op het lot.


19
“De natuur haat namaak en zonder menselijk ingrijpen groeit alles het best”
Lof der Zotheid

Peyragudes

Hoe toeschouwers hun hoop uitschreeuwen
vaak tegen beter weten in
“Allez Romain! Allez Romain!”
De adelaar groeit in hem en ook het piepkuiken

Romain Bardet gaat niet voor het klassement
Romain gaat voor de overwinning 
op zichzelf

Gisteren was een dorre, zieke dag

Vandaag probeert een kleine arendsman 
die meer Bardet is 
dan Bardet kan dragen
boven zichzelf uit te stijgen
tot hij schrompelt tot een zwart vod

Hij lapt het, hij lapt het net niet

Er is de eenzame hoogte 
Er is de hellingsgraad 
die de verlatenheid nog vergroot

het woord ONE op verbeten schouder.


20
“Geef licht, en de duisternis verdwijnt vanzelf”
Lof der Zotheid

Lourdes

In een verder lege kerk 
in Kerksken
zingt een heel klein vogeltje 
vanuit de biechtstoel:

Er zijn geen zonden

Er zijn geen zonden

Het licht tilt de rokken 
van de heiligen op

In het Heiligdom 
van Onze-Lieve-Vrouw van Lourdes 
zwaait Fabio Jakobsen naar het wonder

Het wonder zwaait terug


21
“Zij die zich het meeste haasten, schieten tegen het eind gewoonlijk het langzaamst op”
Lof der Zotheid

Moerzeke – Cahors

De kerktoren in mijn geboortedorp
gaat vervaarlijk hellen
zakt jaarlijks 12 cm naar links

‘Als Pisa ne scheven toren heeft, 
waarom mogen wij er dan geen hebben?’
zegt de burgervader met een grijns
‘Het zou een voltreffer kunnen zijn!’
‘Laat de kurken knallen!’
zegt de Schepen van Vermakelijkheden
Er is scheefspraak en er is schuim op lippen
Er is het Gloria van het Kassa Kassa

Vandaag is er een tourrit 
van scheefgezakt kasteel naar duiventil
Er zijn de blote buikrollen van een supporter
en de bijna anorectische renners 
hangen een beetje scheef op hun fietsen

Er is een kerkhof voor tractoren 
er zijn serres voor de druiven van de godsvrucht

Er zijn ook pleisters voor het lijfsbehoud
Peter Sagan houdt wel van een Pisa-test
Hij gaat vaak leunen op een mogelijke val
Maar niet vandaag, niet vandaag

Het is schaken met alleen maar hoge torens
Schakelen naar een ultieme droom
Beter één ontsnapte renner dan een massaval

Het is wachten op de eerste ramptoeristen
bij Frituur 'Den Tsjouter'.


22
“Het toppunt van geluk is bereikt, als iemand klaar is om te zijn wie hij is”
Lof der Zotheid

Rocamadour

Het is uiteindelijk alleen die ene 
seconde 
wanneer twee mannen elkaar de ogen meten
die werkelijk telt

Zullen we nog een sprintje trekken?
Om het eerst die berg op?

De ziel uit het Noorden 
is net iets sneller 
dan de ziel uit klei

terwijl iemand thuis toch moet wachten
bij een kist
vol kinderdromen en familiegeheimen

De groene knikker rolt net iets verder dan de rode

Er is een zwarte Madonna die je leert 
om korter en krachtiger te huilen.


23
“Liefde kun je evenmin verbergen als hoest”
Lof der Zotheid

Lichtstad

Er was eens

Wij waren met zijn allen 
ongelooflijk breekbaar, haast doorschijnend

En de meesten onder ons bleven
gelukkig heel

Het was mijn droom te mogen winnen
Maar winnen maakt me zo verlegen
Echt zeker ben je nooit


Tour 2022

Chapeau

Etappe vijf, roulette op kasseien,
Werd Jumbo-Visma's Waterloo, zo leek
Tot één coureur de ware redder bleek
Uit grote nood door pech en valpartijen

Die held is zijn gewicht in goud dan waard
De sympathieke klasbak Wout van Aert


Etappe 18

De koninginnenrit was een festijn
Door Tadej Pogačar, de top - Sloveen
En Jonas Vingegaard, de super - Deen
Ja, kan de Tour nog grootser, mooier zijn! 

Maar één coureur was ongeëvenaard
De Koning-Alleskunner, Wout van Aert


Aanvallers

Wij zijn niet bang om weg te rijden
al vroeg onze rug te laten zien 
uit het zicht te verdwijnen
voor vele, vele uren lang

Van tactiek willen wij niets weten
al vinden we straks ons Waterloo
met verzuurde, volgelopen benen
en zijn we geen perpetuum mobile

Zij die houden van catenaccio
mogen dan de bloemen krijgen
gefeliciteerd, het deert ons niet, 
morgen gaan we weer gewoon 

Daaag


Croix de fer

En zo gebeurt het dat je op een dag
een man geworden bent die op een fiets
een berg bedwingt. De Col de la Croix-de-Fer 
is de naam. Water stroomt de helling af,
sneeuw glimt in de verte in de zon.

Het landschap beneemt de adem, slijpt zich
in de ogen vast, benevelt je als de gedachte
in een droom. Herauten als Ignolin en Camellini
zijn ons voorgegaan. Coppi en Bartali, ook zij
reden ooit de Barrage de Maison voorbij.

Stuur, asfalt, spieren, oog. Alles afgestemd!
De weg die klimt sloopt wat je voor het laatst
had opgespaard. Het leven hier heeft aan zichzelf
genoeg. Een intens geluk is het om voor eeuwig
en een dag in dit decor een figurant te mogen zijn.


Paul Rigolle

Jonas uit de walvis

-Vingegaard van vismijn naar Granon-

'Zo bleekjes, dat jongetje ziet er echt niet goed uit',
zo denkt een groot deel van het wielerminnend volkje
wanneer ze Jonas als een eerste communiekantje
in de Tour in het superieur Sloveens wiel zien zitten.

Tot de Col du Granon zijn porfieren klauwen slaat
in de tegenspartelende man met gele trui,
Vingegaard gooit een lasso om indiaantje Quintana en
duwt zich dan met fors verzet de wielerhemel in,
alom bravogeroep en terechte bewondering
voor deze dankbare jongeman die zich vorig jaar
in Parijs al tot Elyseese kroonprins profileerde
maar nu het juk van die verfoeide tweede plaats
met bravoure aan wapperende flarden klimt.
Ach, dat kopje met de lange verticale groeven
van een Mick Jagger die een dag vroeger
in Brussel gulzig zijn zoveelste jeugd etaleerde,
springveer pur sang met hitsig rock & roll-bloed.

Na Jonas die de Bijbelse walvis heeft verlaten
-hij werkte jarenlang in een Deense vismijn-
nu toch ook nog wat ander moois in de figuur
van de al genoemde Nairo en Romain Bardet
niet te vergeten, de renner met het grote hart
op de warmste plaats die nu Frankrijk laat dromen
van morgen en een Quatorze Juillet
om de koersvingers bij af te likken !


Jonas

Een heroïsche rit -
de dichter heeft er helaas
geen woorden voor




Beloond

Pelotonsleuren
van superknecht wordt beloond
met meejuichzege





Ode aan de jonge grenadier Tom Pidcock

Hij is nog maar 22 jaar jong en zo Brits als een Engelsman. 
Hij hoort niet bij de betere coureurs want hij is geen Deen 
en geen Sloveen. Maar bij zijn ontbijt eet hij wat knoflook.  

En indien ik een Deens of een Sloveens coureur was  
zou ik zowel op de steile wegen naar de hoogste cols
als op de te vlakke stoffige wegen letten op deze lachende 

Tom die bij elke rit haast afwezig of onzichtbaar blijft 
maar altijd maar - sluw en slim – 
dichter komt bij de eindmeet aan het einde van de Tour.   


Ik haat het peloton

Ik haat het peloton van naamloze renners 
dat in de vlakke ritten bijna iedere renner 
bijna altijd opslokt en elke ontsnapping 
onmogelijk maakt. 

Ik haat het peloton dat Wout van Aert 
inhaalt en minuut na minuut het tijdsverschil 
kleiner maakt. 

Behalve op de harde kasseien van het noorden.  
Behalve bij het tijdrijden en bij de aankomst 
op de cols van de hoge oorden. 

Ik haat het peloton maar ik hou van de koers.   
 

Lang leve Lampie !!!

- Yves Lampaert wint Tourproloog 2022 in Kopenhagen -

Traktor Tim treurend thuis, dit keer geveld 
door tegenslag genaamd de ontrouwe juf Corona,
John Deere-liefhebber en beste vriend Yves gaat
vol ongeloof maar graag geel vreemd met de zeemeermin
die in het natte Kopenhagen geil-gekke mannen aan
het dromen zet, een bronzen beeld dat bronst opwekt. 

Ach, hoe mooi en rechtvaardig kan koers soms zijn,
na zoveel jaren veel net niet kroont Yves zich
op het spekglad wegdek tot super-acrobaat,
iedereen bijt op deze boerenzoon zijn tanden stuk,
dit keer heersen kracht en eenvoud superieur op
de glibberige Deense wegen, West-Vlaanderen boven.

Ik lok Guido Gezelle uit zijn Brugs praalgraf en
laat hem vanavond onwennig  'die roze' overhandigen
aan de met geel en groen getooide renner,
een wielerfeest voor oog en oor.
Lang Leve Lampie, Vive le Vélo !


Tijdloos

je bent tijdrijder, een gekromde windhoos
het spoor zonder compromis onder je helm
je vindt dat een bocht alleen maar stoort
zolang je van andermans missie wil slurpen

je ziet de aanzwellende afdaling niet, de beek
die bochten tart, de oever die de dag kleurt
je vraagt je af waarom de afbakening slingert

wie zegt dat altijd alles ergens voor dient
vergeet dat als je geboren bent er geen tijd is
om op je gemak elke afslag uit te proberen

wie zegt dat je aerodynamisch meebeweegt
vergeet dat een tweede vel niet aansluit
op grenzeloze groei zonder rode knop

als kind fietste je in een eigen kuil op het strand
nu bouw je aan een tussentijd, een tijd die staat
als een vangrail tegen opwaaiend zand
zag niets, schreef iemand in het laatste kwartier


De val

Een metafysische zoektocht naar oorzaak en gevolg 
van mijn val van 15 april 2022 waarbij ik zeven ribben brak.

Was het een stronk?
een blikje?
steen?
gat?
blad?
of een tegenligger met
Spookrijdambities?
een stuk van de film
is
zoekgeraakt

Hoofd & hart
wilden rechtdoor
maar het stuur
besloot anders
& rukte je
als een marionet
van je levensweg
die het fietspad
op dat moment
was

& dus
lig je daar
in kamer C105
van het IJsselland Ziekenhuis
waar de morfinepomp
schijt heeft
aan de oorzaak
maar het gevecht
is aangegaan
met het gevolg
& ben ik
in gesprek
       (urenlang)
met het plafond
dat geen
mening heeft

Plafonds gissen niet
oordelen niet
veroordelen niet
plafonds zoeken niet
naar redenen,
oorzaken,
of gevolgen
plafonds zijn gewoon plafonds
       (neutraal als Zwitserland)
kleurloos als karton
& juist daarom
is het plafond
mijn steun,
toeverlaat
& luisterend oor

kamer 105
is een kunstmatige wereld
met gehavende lijven
van rusteloze &
winderige
patiënten,
medische zuiginstrumenten,
pompende machines,
& talloze piepjes
in het gevang
van
fluisterende zusters
in de ruisende gang
waar het echte leven
lang
of nog heel even
als de beul
op ons wacht.

Ik viel
op vijftien april:
Goede Vrijdag!

       we spraken af om negen uur
       (bij de Mercedesdealer onderaan de Briejenoort)
       precies op het tijdstip
       dat Jezus van Nazareth
       volgens Marcus 15:25
       gekruisigd werd

       & om klokslag drie uur
       viel ik
       (op de Boszoom in Kralingen)
       juist op het moment
       dat Jezus van Nazareth
       volgens Mattheüs 27:45
       stierf

deze analogie!
was het
de hand van God?
of gewoon
het botte lot?
domme pech?
die val
op die kaarsrechte weg?

        (& de morfinepomp fluisterde:

        ‘t Was geheid
         je vermoeidheid!
         de eeuwige
         strijd
         tussen
         hooi & vork,
         jij onvermoeibaar geachte hork
         wie niet luisteren wil
         en grenzeloos werkt & leeft
         leert met de harde hand
         wat Hij
         met ons voor heeft)

Wat beweegt ons, lief plafond,
om voor deze sport
te kiezen?

Want

Wielrennen is de hel
in het paradijs
Wielrennen is de stront
op je slagroomijs
Wielrennen is spervuur
In het spiegelpaleis

Wielrennen is de herinnering
aan onze smerige
naaktheid
weerloos & vogelvrij
zijn wij:
met de wielerschoen
in ‘t klikpedaal geketend
is het vonnis
vroeg of laat
getekend

Vragen
te over
op zoek naar repliek
hult het plafond zich
(om hem moverende redenen)
in zwijgende mystiek
terwijl ik zocht
naar romantiek

        (& de zanger fluisterde
        kijkend naar mijn verval:
        Je kunt alleen nog winnen
        nu
        Met de schoonheid
        van je val)

& toen de vervallen stem vervloog
bleef je vragen
(zonder beven)

Waar is het zoekgeraakte
stukje
film
gebleven?

       (& het plafond fluisterde:
       de oorzaak
       staat buitenspel
       de oorzaak
       is een ranzige del
       want de oorzaak
       doet het met iedereen
       door stronken, blikjes, stenen, gaten, bladeren
       zullen we vallen
       met z’n allen
       of alleen)

wielrennen is een pantomime
een schimmenspel
een pseudoniem
voor het lijdensverhaal

De schoonheid
van wielrennen
& van het leven
is verpakt
in de tartende dreiging
van het lot
met slechts een haar
tussen podium
& schavot

Iedere val
verdient
een herrijzenis
bij voorkeur
op Goede Vrijdag

in de naam van de vader,
de zoon
& de heilige geest

opdat het allemaal
niet voor niets
is geweest


Onvermoed gewonnen

De gecrashte renners kusten te hard de grond 
hun benen gestrekt gekromd in onnavolgbare
vormen en gestapeld voor bijna dood in een
orgie van bloed open wonden gescheurde pezen 
hun bloeddoorlopen ogen gericht op hun
medestrijders in de ruwe oorlog voor de winst

twee missen stonden uitdagend te wachten 
hun rode lippen gespitst met wulpse blikken
gericht op de einder waar de koers zou aankomen 
met tarzan op het podium en zij ernaast 

maar

waar hun botte strijd geëindigd bleek was die ene 
schlemiel overeind gebleven trappend voor zijn 
wielerleven voor victorie vooruit gesneld voor de 
gekraakte meute die in koor klaagde en loeide 
van kolere om deze gemiste kans 
 
zijn kracht was zonder oorlogsactie de winst 
te grijpen want eerst achterop geraakt had hij 
ridderlijk gewonnen werd hij zelfs gezoend 

door de twee pronkende paranimfen 


Op weg naar Rapallo

-In memoriam Wouter Weylandt (1984-2011)-

Het kaarsje dat ik brandde toen je daar zo plots
op asfalt lag smeult zachtjes na. Een hard hoofd,
maar niet het jouwe. We zullen om je rouwen.

Plaatsnamen zoemen. Middelburg. Juist een jaar
geleden won je daar een etappe in de Giro, ook
een derde. Maar tevens Nokere. En Valladolid.

We zien je daar nog staan. Onder je kuifje wuif je
met je ogen een zegelied naar huis. Kruibeke.
Gullegem, weer Gullegem. Sint-Niklaas, Ichtegem.

Je moest hier niet eens zijn. Je zou naar de Vuelta.
Rapallo bleek te ver. Waarom denk ik toch vooral
aan tuinmannen en Isfahan? Ik wist niet echt dat

er zo veel bloed uit jonge hoofden stromen kan.


Bert Bevers



Giro 'd Italia (Maggio 25 Tappa 16)

Klimgeit werd dagwinnaar
Gast uit Colombia
Voor onze Hollanders
Niet te verslaan

Lang had ik stiekem de
Nationalistische
Hoop op een val van die 
Colombiaan





Ode aan Gijs; onze onbekende soldaat

Hij komt uit Ruurlo in de Achterhoek 
of wat dacht u? 
Hij is 1.90 meter lang en slank en blond 
als een jonge snaak 
en klimt gezwind over de bergen 
maar ik voorspel het u nu al:
Gijs L. blijft geen onbekende soldaat