Hij had toen geen snor maar een knevel
als een omgekeerde koersguidon.
Hij had geen automobiel maar een fiets
waarmee onze held naar de rampen van de Groote Oorlog reed.
Niemand of niets kon hem doen remmen of vertragen. Of deed hem zomaar afstappen.
Misschien alleen een onverwachte donderslag onder een heldere hemel.
Met zijn ijzeren rijwiel fietste hij om alles zèlf te zien, want hij wilde geen leugens horen en geen
verzinsels.
