Mathieu

Hij laat de remmen vieren, de dag
die wegzakt in een heuvelachtig peloton.
De drukplek bij M kleurt weer tot huid.

Een voorjaarszon scherpt wilskracht aan,
de straling bot genen uit tot onbeheerste groei,

of dragen anderen slippers die gaan sloffen
in de bloedende meters achter zijn pedalen.

M trekt uit zijn tenen een kleurrijk lint,
sierlijk van links naar rechts,
naar de gedoodverfde

die de hemel smeekt.
Tevergeefs, ontketening verplaatst hem,
begraaft hem met stoffer en onverholen eerbied.

En M? M beweegt niet, M ligt gevloerd,
zijn fiets en zijn gedaante. Ze zijn voor altijd één.


Bert Struyvé